Allereerst: wat zijn reflexen

Pasgeboren baby’s kunnen al een aantal dingen die zorgen voor veiligheid en overleving. Dit zijn reflexen of eigenlijk  reflexpatronen: op een bepaalde prikkel (aanraking, geluid, iets zien, beweging) volgt een bepaalde reactie van het zenuwstelsel, de hersenen en de spieren. De baby leert eigenlijk hoe het op een prikkel moet reageren. Deze reflexpatronen zijn in ons DNA vastgelegd.

Wat is het nut van reflexen?

Ze zorgen voor veiligheid en overleving en voor de ontwikkeling van de hersenen, het zenuwstelsel en bewegingspatronen. Met deze bewegingspatronen worden ook de spieren ontwikkeld.

Hoe werkt dat?

De baby maakt reflexmatig heel vaak dezelfde bewegingen en hierdoor wordt een paadje in het zenuwstelsel en de hersenen gemaakt. Dit zorgt ervoor dat de baby deze bewegingspatronen uiteindelijk bewust kan uitvoeren. Hij kan ze nu vrij  gebruiken: ze zijn opgenomen in hogere delen van de hersenen. Als alles goed gaat zijn na het tweede jaar de meeste reflexpatronen verdwenen. 

Niet geïntegreerde reflexen

Als een reflexpatroon nog niet in het hogere deel van de hersenen is opgenomen kan het lichaam nog niet goed met prikkels omgaan. Dit is normaal voor heel jonge kinderen, omdat ze pas na het tweede jaar volledig geïntegreerd zijn. Nu kan het zijn dat sommige reflexen niet goed geintegreerd zijn of weer actief worden. Dit kan gebeuren bij vervelende gebeurtenissen op alle leeftijden.

Het lichaam raakt dan snel in de stress, voelt zich onveilig. De patronen zitten nog in de lagere delen van de hersenen zitten. Deze delen geven bij een prikkel een waarschuwing: pas op, onveilig. Je lichaam wil dan maar 1 ding: overleven. Het heeft dan van oudsher drie keuzes: vechten, vluchten of bevriezen.

Je ziet dan bijvoorbeeld iemand die steeds op zijn stoel zit te wiebelen. Dit is vaak iemand die reageert op een aanraking van de stoelleuning op zijn rug. Hij vlucht voor deze prikkel door naar voren te gaan. Op dat moment kan deze persoon ook even niet opletten en zich concentreren!

Reflexintegratie zorgt  ervoor dat je lichaam het niet meer als onveilig ervaart als iemand bijvoorbeeld tegen je aanstoot, hard praat of dicht langs je loopt. Je hoeft hier dan niet op te reageren met vechten, vluchten of bevriezen. Je kunt er gewoon rustig iets van zeggen.

Behandelen van niet geïntegreerde reflexen

Reflexintegratie leert je lichaam hoe het met prikkels om moet gaan. Dit door een prikkel te geven en het lichaam te leren welk bewegingspatroon daarbij hoort. Door dit vaak te oefenen kunnen deze patronen ook in de hogere delen van de hersenen opgenomen worden. Het lichaam hoeft er niet meer op te reageren. Hierdoor voelt het lichaam zich eindelijk veilig en wordt het veel minder prikkelgevoelig. Dit levert vaak een verbetering van allerlei problemen op. Welke problemen dat zijn kan je hier zien